15. Kwartje Valt Met Donderend Geraas

Kwartje valt met donderend geraas.
10 maart 2008

Voor een ‘rationalist’ valt het niet mee om getroffen te worden door iets waarover ik geen controle heb. Nu ik niet meer hoef te studeren op mijn “project” om in alle internationale artikelen de beste behandeling te vinden, blijft er niks meer over om te handelen, of vooruit te schuiven. Projecten hebben een start en einddatum, mijlpalen en zijn daarnaast gewoon lekker eindig. Het lijkt er toch op dat mijn BK geen projectje is wat succesvol mét einddatum kan worden afgerond en ik geloof dat ik daar nog niet helemaal goed mee kan omgaan, noch het kan en wíl overzien. Als tijdelijk alternatief ben ik maar overgestapt op magisch denken en beeld ik me in dat dat helpt…

Als ik het gewoon niet opschrijf, wordt er niks definitief, heb ik geen borstkanker, zijn besluiten om niet te behandelen met chemo nog omkeerbaar, gaat alles – net als vroeger – met een kusje over. Dan kan ik gewoon deze ietwat onprettige periode achter me laten en weer gewoon terug naar mijn oude, normale leven. Als ik gewoon zorgend, helpend en troostend over het Amazone-forum en door mijn omgeving beweeg, blijf ik aan de goede kant van de lijn. En als ik gewoon nooit kijk of er een grote prijs op mijn oudejaarsstaatslot is gevallen ga ik ook niet dood in de komende tien jaar… Ook nooit meer kopen dus, die dingen, da´s de goden verzoeken.

Maar ook magisch denken helpt niet meer. Een irrationele angst heeft onmiskenbaar toegeslagen. In mijn vanwege optimale cosmetische mogelijkheden “alleen maar” borstsparend geopereerde tietje heb ik, geheel vrijwillig, doodleuk een geweldige voedingsbodem laten zitten. Voedingsbodem voor lokale recidieve met op zijn gunstigst een kans van één op tien in vijf jaar en één op vier in tien jaar! Dat optimale cosmetische resultaat heeft voor mij echter geen enkele waarde meer. Het tietje is niet meer iets liefs, iets zachts, iets om van te genieten bij het vrijen, maar onveilig en besmet. “Alleen maar” de bestraling heeft botvlies en ribben beschadigd en heeft lymfe-oedeem gegeven. Borstkanker is nu niet meer alleen maar een verwijderde tumor van drie centimeter in mijn tiet. Borstkanker is een hele rechterborstkas en lange arm groot, pijnlijk en chronisch geworden.

En bijna iedereen, behalve de echte intimi, in mijn omgeving houden me voor dat alles nu gelukkig achter de rug is. Natuurlijk. Snijranden waren schoon, dus ik hoop maar dat ze alles ook echt hebben weggehaald. De CT’s waren schoon, dus ik hoop maar dat de behandeling is geslaagd. Ik kan weer verder met mijn leven… Ik hoef alleen nog maar de prognoses te negeren. Ik hoef alleen nog maar misschien een paar keer te huilen en dan is het over. Ik hoef alleen nog maar te wachten tot ik weer bh’s kan dragen. Ik hoef alleen nog maar twee keer per week naar de fysiotherapie voor lymfedrainage. Ik hoef er alleen nog maar aan te wennen dat ik niet meer kan squashen, zwemmen is ook leuk – schijnt. Ik hoef alleen nog maar voor de APK’s – want ze houden me – fijn, hoor – goed in de gaten (?!). En dat ik geen zwaar huishoudelijk werk meer kan doen is toch gewoon een zegen?

Nog zo’n verschrikkelijke benauwende en beperkende uitspraak is dat “ze” tegenwoordig zoveel kunnen! Want je kunt tegenwoordig toch voor borstkanker bijna altijd behandeld worden. En bijna niemand gaat er meer aan dood. Bijna, ja… Maar het is nog steeds doodsoorzaak nummer één onder jonge vrouwen.

En alle goed bedoelde relativerende opmerkingen zijn juist zo dodelijk: “Ach, dood gaan we allemaal”, “niets is zeker in het leven” en “ik kan toch ook morgen onder een bus lopen… Zónder daarbij nog eens borstkanker, ja… die bus kan ik óók nog pakken… “Je moet het gewoon van de positieve kant bezien”, “maak je niet druk, prognoses zeggen niks, joh”, “statistieken zijn maar statistieken, hoor, die gaan over grote groepen, niet over jou!”.

Tuurlijk, eigenlijk is borstkanker helemaal niet erg… Er kan, bij lokale recidieve nog drie keer gechopt worden, nog één keer rechts, twee keer links. Dan ben je alleen nog maar tietloos en niet dood – waar zeur je dan over? Beetje opereren. Beetje bestralen. Klaar! En bij metastasen op afstand is er nog een blik vol chemo’s. Beetje opereren voor een dop. Beetje chemo, wit en rood zonder hazelnoot. Beetje marmot of muts erbij. Keertje kotsen. Klaar! En als die eerste niet aanslaat pakken we gewoon een andere… En je hebt ook nog eens álle tijd om rustig afscheid te nemen van iedereen en je kunt – leuk joh – je eigen begrafenis regisseren. Valt eigenlijk best mee, ja.

De wolk is nu even pikzwart, heel donker, laaghangend en groot. De mist is verstikkend. Door de pijn en vermoeidheid kan ik me ook nog niet onttrekken aan dit beeld, of in ieder geval niet lang genoeg om even gewoon te doen, even de andere kant op te kijken en van dit beeld weg te rennen. Ik ben bang voor de onzekerheid, boos op de onvoorspelbaarheid en verdrietig vanwege het verlies van mijn positieve en onbevangen levenshouding. Ik ben mijn oude ik niet meer…

Het kwartje valt met donderend geraas… Nooit geweten dat zo’n klein vallend kwartje zoveel herrie kon maken en nu dus ook niet meer valt te negeren…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s